Rijksoverheidslogo
Nationaal Kenniscentrum Alternatieven voor dierproeven

Diermodellen zijn wat ons betreft ouderwets

Marja Zuidgeest

Marja Zuidgeest, stichting Proefdiervrij

Al jarenlang daalt het aantal dierproeven in Nederland nauwelijks meer, het schommelt zo rond de 600.000 per jaar. Voor Marja Zuidgeest, algemeen directeur van de stichting Proefdiervrij, het bewijs dat het 3V-beleid (Vervangen, Verminderen en Verfijnen) zijn tijd heeft gehad. “We zijn ruim 50 jaar bezig met het 3V-beleid, maar het werkt niet meer. Het is nu tijd om op een andere manier te kijken naar de wetenschap. Niet de beschikbare modellen moeten het uitgangspunt zijn, maar de wetenschappelijke vraag. Daar moeten de beste onderzoekmodellen bij gezocht worden. Diermodellen vinden we ouderwets. En gelukkig zijn we daar niet de enige in. Ook steeds meer wetenschappers stellen zich de vraag hoe het anders, beter en zonder dieren kan.”

Proefdiervrij zet zich in voor een toekomst zonder proefdieren. De stichting geeft voorlichting, gaat partnerschappen aan en denkt mee over proefdiervrije oplossingen. Dat doen ze door zelf te investeren in proefdiervrij onderzoek via een fonds dat door ZonMw wordt beheerd. Ze stimuleren bedrijven en instellingen en onderzoekers om innovatief in te zetten op vernieuwing in onderzoek waar geen dier aan te pas komt. Ook zet Proefdiervrij in op een breed maatschappelijk draagvlak om innovatie in onderzoek te stimuleren.

Verandering

Illustratie interview Marja Zuidgeest

Het is lastig om een doorbraak op dit gebied te bewerkstelligen, weet Zuidgeest uit ervaring. “Er is een lange traditie van onderzoek op dieren. Als een groot deel van onderzoek altijd op dieren wordt gedaan, is het moeilijk voor te stellen dat een andere manier van onderzoek veel meer relevante data op kan leveren. Ik merk wel een verandering. Steeds meer partijen staan open voor nieuwe onderzoekmodellen waar geen dier aan te pas komt. Er komt een vliegwiel op gang en dat is mooi om te zien. ”

Meer mogelijk

Natuurlijk zijn er nog steeds mensen die vinden dat dierproeven onvermijdelijk zijn, weet Zuidgeest. “Die vragen nog wel eens of je dan ook geen medicijnen neemt als je ziek bent. Als je die wel neemt, is de redenering, dan mag je ook niet zeuren over dierproeven. Dat vind ik flauwe redeneringen die de discussie doodslaan. Het gaat er om te kijken hoe het anders kan. Het feit dat dierproeven jarenlang de standaard zijn geweest, wil niet zeggen dat we die standaard nog jarenlang moeten handhaven. In vergelijking met nog maar tien jaar geleden is al zoveel meer mogelijk. De wetenschap ontwikkelt zich nog steeds met betere onderzoekmodellen. Het is interessant om ons te richten op de oplossingen.”

Veiligheidsonderzoek

Eén van die gebieden waar proefdiervrij onderzoek nu al mogelijk is, is volgens Zuidgeest veiligheidsonderzoek. Overheden schrijven bedrijven voor dat ze voor dat type onderzoek diermodellen gebruiken. “Er zou veel kritischer gekeken moeten worden of al die veiligheidsonderzoeken in de huidige vorm wel nodig zijn. Bieden de nu verplichte dierproeven echt een garantie voor de veiligheid van mens en milieu? Moeten we niet meer kijken naar de biologie van de mens om echte veiligheid te kunnen bieden? “ Zuidgeest begrijpt de terughoudendheid van functionarissen wel om andere modellen te accepteren. “Natuurlijk is het eng om andere testen te accepteren, want stel dat het fout gaat. Dan is de wereld te klein.” Het besef dat er ook met de huidige diermodellen lang geen 100% garantie gegeven kan worden wat betreft veiligheid, zou al helpen om open te staan voor andere modellen. Overheden en bedrijven zouden daar in meer moeten samenwerken zodat de acceptatie en validatie van nieuweonderzoek modellen sneller kan.

Financiële ondersteuning

Geld is zeker nodig bij de ontwikkeling en toepassing van diervrije modellen. “Vaak wordt gezegd dat geld niet het probleem is, maar als er geld is maakt dat het wel een stuk gemakkelijker.” Zuidgeest ziet dat als een taak van de overheid om dat geld ter beschikking te stellen. Maar de overheid hoeft dat zeker niet alleen te doen. Ook andere partijen zouden daar in moeten investeren. Proefdiervrij doet dat met een eigen fonds via ZonMw. Een voorbeeld van een onderzoek waaraan Proefdiervrij heeft meegewerkt, is de ontwikkeling van proefdiervrije huidmodellen. Met huid die overblijft na cosmetische operaties worden in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) levende huidmodellen gemaakt. Er kan een model gemaakt worden met alleen opperhuid om bijvoorbeeld irritatie of corrosie van een bepaalde stof te testen. Er kunnen ook volledige huidmodellen gemaakt worden waarmee je processen in de huid kunt bestuderen. Bijvoorbeeld het effect van cosmetische crèmes: verbeteren die de huid echt? De huidmodellen kunnen ook gebruikt worden voor het bestuderen van ziektes zoals huidkanker. Zo kan onderzocht worden welke medicijnen of stoffen een remmend effect hebben op kwaadaardig gedrag van kankercellen. Deze testmodellen zijn een alternatief voor dierproeven en dragen bij aan vervanging van proefdieren in toxicologisch en fundamenteel onderzoek. Het LUMC heeft het model inmiddels in een bedrijf ondergebracht.

Dialoog

De dialoog aan gaan, daar gelooft Zuidgeest in. “We praten met alle betrokken partijen om onze boodschap over te brengen. En dat werkt. Wij willen vooral met oplossingen bezig zijn. Wij geloven niet zo in actievoeren. Dat is net als het 3V-beleid een beetje ouderwets. Wetenschappers moeten aan de slag. Die moeten het gaan doen, gesteund door overheid, het bedrijfsleven en ons.” En natuurlijk is er nog veel discussie in het veld over wat nu wel of niet mogelijk is op het gebied van onderzoek. En ook is er verschil van mening over de snelheid waarmee de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen ingevoerd kunnen worden. Maar discussie is goed, vindt Zuidgeest. “Door met elkaar in discussie te gaan houd je elkaar scherp. Respect voor elkaars standpunt vind ik daarbij heel belangrijk. Je kunt het best prettig met elkaar oneens zijn en toch met elkaar blijven praten.”

.