Rijksoverheidslogo
Nationaal Kenniscentrum Alternatieven voor dierproeven

Maatschappij

Openheid

Kennis delen en communicatie met de maatschappij, dat is waar het NKCA voor staat. Dit sluit aan bij de beleidslijn om open en transparant te zijn over proefdiergebruik en de toepassing van 3V-alternatieven. Deze website van het NKCA is bedoeld voor professionals, maar bevat ook informatie die begrijpelijk is voor het algemene publiek.

RODA

Het NKCA voert het secretariaat van het RODA (Regulier Overleg Dierproeven en Alternatieven). Dit overleg komt minimaal tweemaal per jaar bijeen en is breed samengesteld uit een groot aantal maatschappelijke en wetenschappelijke (koepel)organisaties. Onderwerp van gesprek is het beleid over (alternatieven voor) dierproeven in relatie tot relevante maatschappelijke trends en ontwikkelingen.

Het RODA kwam in 2011 voor het eerst bijeen. In het Meerjarenoverzicht 2011 tot en met 2013 kunt u meer lezen over de activiteiten van het RODA.

Lef in het Lab-prijs

Het NKCA ondersteunt inhoudelijk de Lef in 't Lab prijs die jaarlijks door de Dierenbescherming wordt uitgereikt aan een onderzoeker die zich met lef heeft ingezet voor de ontwikkeling en toepassing van 3V-alternatieven voor dierproeven. Ook met betrekking tot andere prijzen en initiatieven om het streven naar 3V-alternatieven te belonen, geeft het NKCA graag inhoudelijke ondersteuning.

Lef in het Lab prijs 2014 voor Robert Passier: stamcellen in plaats van proefdieren

Omdat hij de bijwerking van medicijnen test op menselijke cellen in plaats van op proefdieren heeft Robert Passier de Lef in het Lab-prijs 2014 van de gewonnen. Het publiek kon via de site van de Dierenbescherming stemmen op vijf genomineerden. Passier is verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum.

Winnaar Lef in het lab prijs 2014

Nog steeds komen er medicijnen op de markt met negatieve bijwerkingen. Vooral bijwerkingen aan het hart kunnen levensbedreigend zijn. Het is daarom wettelijk verplicht om medicijnen te testen. Alleen al in Europa worden hier jaarlijks miljoenen dieren voor gebruikt. "In veel gevallen zijn deze dierproeven echter niet betrouwbaar genoeg. Voor het welzijn van zowel dier als mens is het daarom van belang om naar alternatieven te zoeken en Robert Passier is daar zeer goed in geslaagd", zei directeur Frank Dales van de Dierenbescherming op 24 april bij de uitreiking van de onderscheiding in het Dierenbeschermingscentrum Amersfoort.

Robert Passier maakt bij zijn onderzoek naar schadelijke effecten van medicijnen op het hart gebruik van menselijke stamcellen. Hiermee kunnen onder gespecialiseerde kweekcondities hartspiercellen worden gemaakt. In feite verandert Passier dus de functie van menselijke cellen en kan hij bijvoorbeeld stukjes menselijk hart namaken van de huid van een mens. Die hartcellen gebruikt hij om medicijnen te testen op bijwerkingen zoals hartritmestoornissen. Er zijn dan geen proefdieren meer nodig. "In feite heb ik de hartspiercellen van de patiënt in een kweekschaaltje en kan ik heel gericht hun ziekte in dat schaaltje bestuderen", zegt Passier.

Over Robert Passier

Robert Passier heeft Gezondheidswetenschappen gestudeerd aan de Universiteit Maastricht, waar hij ook promoveerde. Vervolgens heeft hij zijn onderzoek op het gebied van hart- en vaatziekten voortgezet in de Verenigde Staten (Dallas). Ruim 10 jaar geleden is hij in het Hubrecht Laboratorium gestart met onderzoek naar menselijke stamcellen en mogelijke toepassingen voor hart- en vaatziekten en sinds 2008 is hij aangesteld als associate professor bij de afdeling Anatomie & Embryologie van het LUMC te Leiden. Hierbij spelen menselijke stamcellen een centrale rol voor het bestuderen en begrijpen van hartontwikkeling en hartziekten én de ontwikkeling van nieuwe veilige medicijnen.

De Dierenbescherming maakt zich sterk om onderzoek te stimuleren dat bijdraagt aan de vervanging, vermindering en verfijning van dierproeven, onder meer met de Lef in het Lab-prijs. Sinds 2007 reikt de Dierenbescherming deze prijs, in samenwerking met NKCA, jaarlijks uit aan wetenschappers die zich op uitzonderlijke wijze inzetten om het aantal dierproeven terug te dringen.

.